Heikikker

Rana arvalis

De heikikker is een middelgrote kikker die lijkt op de bruine kikker. De heikikker heeft (meestal) een lichte lengtestreep op de rug die doorloopt tot voorbij de ogen. In de paartijd kleuren mannetjes licht - tot fel blauw. Deze kleur heeft hij maar een paar dagen en dient mogelijk als signaalfunctie voor andere mannetjes.  

De heikikker is te vinden in hoog- en laagveengebieden, heidegebieden en in halfnatuurlijk grasland. Het is een vrij algemene soort op de zandgronden en het laagveen. Een van de zwaartepunten van de verspreiding ligt in Drenthe en aangrenzend Fryslân. Heikikkers zijn afhankelijk van een goede waterkwaliteit en natuurlijke gebieden, ze worden nauwelijks aangetroffen in te intensief gebruikt agrarisch landschap, rond infrastructuur en bebouwing. Ze planten zich voort in vennen en in geïsoleerde wateren en sloten (bij voorkeur met geen of weinig vis). Heikikker neemt in verspreiding af. Waar de soort vroeger te lijden had onder verzuring van vennen vormt nu vooral verdroging van leefgebieden en mogelijk klimaatopwarming de grootste bedreiging. Daarnaast vormt te intensieve begrazing van het leefgebied ook een bedreiging.

Maatregelen die goed zijn voor de heikikker zijn het tegengaan van verdroging van gebieden (vernatten). Daarnaast kunnen ondiepe natuurvriendelijke oevers in visarme wateren voortplantings-en voedselgebied opleveren. Voor het leefgebied op land helpt het om vochtig, schraal en enigszins ruig en niet intensief beheerd terrein te ontwikkelen. Vochtige bosjes kunnen goede overwinteringsplaatsen zijn.  

Komt vooral voor in deze gebieden:

Het Lage Midden, Noordelijke Wouden, Zuidelijke Wouden

Meer informatie

Andere Amfibieën